Portfolio — Merel Blankestijn-Huis
← Terug naar overzichtPortfolio · Merel Blankestijn-Huis

Levensbeschouwelijk portret

Reflectie- en schrijfmomenten
Reflectie- en schrijfmomenten Datum /periode
T 0 (zwart) 1 februari 2026
T 1 (rood) 25 maart 2026
T2 (groen) 1 juni 2026 
T3 (blauw) – dit is facultatief
T4 (paars) – dit is facultatief
Levensoriëntatie
Beschrijf je mens-, gods- en wereldbeeld op dit moment. Beschrijf wat voor jou ‘het goede leven’ inhoudt en welk zelfbeeld je hebt.
Mensbeeld:
Ik ga er in eerste onderstelling vanuit dat de mens een dier is. Ik geloof in de evolutietheorie en dat we omdat we duimen hebben waar we iets mee kunnen een sprongetje vooruit hebben kunnen maken op onze medediersoorten. Ik ben ook van mening dat ons brein zich sneller heeft ontwikkeld dan dat we eigenlijk aan zouden kunnen. Ik denk dat we vanuit de basis sociale dieren zijn die zich in een kleine groep verhouden.

Als we kijken naar de mens zie ik in eerste instantie het goede. Ieder mens wil het denk ik op zijn/haar manier goed doen en een zo fijn mogelijk leven hebben. Ik heb er moeite mee dat er mensen zijn die zichzelf chronisch voor anderen stellen en kan dat ook niet zo goed begrijpen. Bij elk ongewenst of bijzonder gedrag probeer ik verder te kijken dan wat ik gelijk zie; er zit achter elk gedrag een reden. Ook daarom vind ik het moeilijk te begrijpen wat het zo maakt dat veel mensen aan de top zo met bezittingen bezig zijn en zichzelf voor anderen zetten. Dit maakt dat ik vaak een negatieve blik heb op de mens.


Na wat bewuster bezig zijn met mensbeelden om mij heen en het in gedachten houden tijdens interacties met andere mensen ben ik gaan nadenken. Ik heb mijn medestudenten beter leren kennen tijdens de inspiratiedriedaagse en heb zo weer een bevestiging gekregen dat het oordeel dat ik over mensen stel, niet altijd blijkt te kloppen. De oordelen die ik stel zijn niet negatief en ik ontwikkel ze zonder dat ik het kan tegenhouden, maar ik kom er in gesprek dan achter dat veel mensen anders zijn dan ik ze had voorgesteld. Dat vond ik verrassend en leuk.


Na het interview met iemand buiten de minor wil ik mijn mensbeeld aanvullen. Ik heb tijdens en na het reflecteren op het interview ingezien dat er achter ieder mens een kwetsbare ziel bestaat die het goede wil. Ook al zijn er mensen die gedachtes delen waarvan ik denk dat deze schadelijk zijn, is er een grote kans dat dit een manier van coping is voor een probleem waar zij mee zitten. Als je dan spreekt met diegene die op dat moment zichzelf is, zie je juist de pijn en de kwetsbaarheid en het eigenlijk goed willen doen, maar niet weten hoe.  


Godsbeeld/beeld van het hogere/beeld van het meta-empirische:
Eigenlijk kijk ik hier heel nuchter tegenaan, maar er zit wel fascinatie en open deuren. Ik denk niet dat er goden bestaan, maar kan deze wel zien als “krachten van de natuur”. Ik ben gericht op de ruimte om ons heen en de ruimte buiten onze planeet. Ik vind het mooi hoe alles kan werken, maar zie ook dat dit naar mijn mening is omdat als iets niet werkt in de natuur, het uitsterft. Alles wat er is, kan dus bestaan, maar dat is er omdat het kán, als dat logisch klinkt. Het ontstaan van het universum vind ik mega interessant, maar heb ik natuurlijk geen antwoord op. Dit geldt ook zo voor alles wat er in de ruimte gebeurt (zwarte gaten, tijdsverschil, lichtsnelheid, zwaartekracht etc.). Scheikunde en natuurkunde vond ik op de middelbare school geen interessante vakken, maar ik merk dat de inhoud me in de praktijk wel interesseert. De wetenschap en de krachten van de natuur zetten mij ook vaak aan het denken.

Ik wil hier aan toevoegen dat ik na de eerste les Hindoeïsme ben gaan denken, en dat als er in het Hindoeïsme goden als natuurkrachten gezien kunnen worden, dit misschien iets voor mij zou zijn. Dat vind ik opvallend, want ik was vrij overtuigd “atheïst”. Ik ben benieuwd waar dit mij gaat brengen in de rest van de reis van deze minor.


Hierin is niet veel veranderd. Ik ben me meer gaan openstellen voor verschillende religies, maar ben comfortabel met wat ik nu vind. Ik vond het wel interessant om de diensten bij te wonen tijdens de driedaagse, maar dan vooral voor de akoestiek.


Tijdens de Romereis heb ik invloeden van verschillende religies gezien. Ik vind het mooi dat religies elkaar kunnen overlappen en dat er uit hoop kunst kan ontstaan. Zelf heb ik geen verandering gemaakt wat betreft een religie, maar ik kan het geloof van anderen wel waarderen.  


Wereldbeeld:

Mijn wereldbeeld qua maatschappij is kritisch en negatief. Ik vind het heel moeilijk om te zien dat mensen oorlog voeren, alle aandacht naar geld gaat, dieren mishandelt worden en dat mensen niet hun best doen om voor een betere wereld te zorgen. Daar maak ik me vaak ook boos over. Wat mij het meeste bezig houdt is de overtuiging van het veganisme, want ik vind dat alle andere niet-menselijke diersoorten vrij moeten kunnen zijn. Ik ben hier dagelijks mee bezig en vind er vaak frustratie in, omdat mensen in mijn kring wel dezelfde overtuiging delen, maar daar niet naar handelen. Dat vind ik moeilijk.

IIk heb vier wereldbeelden gevonden op Worldview Journeys (https://worldviewjourneys.com/vier-wereldbeelden/ ) en ga vanuit deze wereldbeelden die van mij schetsen.

Op het eerste gezicht passen het modern wereldbeeld en het postmodern wereldbeeld bij mij. Hieronder staan voorbeelden waarom welke delen bij mij passen:

Modern wereldbeeld:
Materialistische en wetenschappelijke kijk op de werkelijkheid.
Kennis door wetenschap en logica.
Onafhankelijk zelf.
Individualistischewaarden.
Nadruk op de toekomst, op vooruitgang en optimisme’.
Natuur als instrumenteel.


Postmodern wereldbeeld:
Relativistische kijk op de werkelijkheid.
Kennis door sociaal constructivisme.
Authentiek zelf.
Post-materiële waarden zoals zelfexpressie, verbeelding, openheid voor verandering.
Nadruk op sociale rechtvaardigheid.
Natuur als innerlijke bron en systeem.

Deze voorbeelden vind ik bij mij passen. Sommige termen botsen misschien op het eerste gezicht, zoals individualistische en post-materiële waarden, maar ik zie deze goed te combineren. Ik wil succes en plezier ervaren, maar vind zelfexpressie en verandering erg belangrijk. Nu staat er op de site ook status en macht bij individualistische waarden, maar deze vind ik niet belangrijk.

De nadruk leg ik zelf op vooruitgang in de toekomst, en daar past sociale rechtvaardigheid ook bij. Ik hoop in de toekomst een rechtvaardige wereld te zien waarin elk mens en dier gelijk is en rechten heeft.

De natuur kan instrumenteel gezien worden, als een systeem waaruit je bronnen kan halen om voor jezelf te zorgen. Zo pas ik de kijk op de natuur van het moderne wereldbeeld en het postmodern wereldbeeld ook bij elkaar.


Ik heb bewust hermeneutiek gekozen als nieuwe leerdoel. Ik wil graag wat meer kunnen accepteren van hoe andere mensen denken, wat zij vinden en ik wil door dit los te laten wat meer rust krijgen. Daartegenover staat dat ik geïnspireerd ben geraakt om aan demonstraties mee te gaan doen. Deze inspiratie komt uit het gesprek dat wij met elkaar hadden tijdens de driedaagse. Ik heb zelf niet meegepraat maar heb wel dingen meegenomen.



Wat betreft het bovenste stukje heb ik een aanvulling gedaan bij mijn mensbeeld. Mijn wereldbeeld is op zich niet veel veranderd ten opzichte van het begin van de minor, maar wat er wel is verandert is dat ik meer op afstand kan kijken en dan juist dieper kan kijken. Zie ik bepaalde gedragingen of bewegingen in de wereld, kijk ik eerst op afstand, en denk ik daarna na over: waarom? Zo kan ik meer begrip tonen.  

Het goede leven volgens jou:
Voor mij zou het goede leven hier zijn dat je voor jezelf een zo fijn mogelijk leven leidt, zonder daar anderen mee te schaden.

Een ideaal leven voor mij zou zijn:

Jarno (mijn man) en ik wonen samen op een stukje land met een huisje wat we zelf gebouwd hebben van natuurstenen en klei. Dit huisje heeft een gezellige woonkamer met een houtkachel, een mooie cottagestijl keuken om in te koken, een badkamer met een ecotoilet (met zaagsel), drie slaapkamers en een kantoor. Jarno’s softwarebedrijf loopt goed en hij kan dit vanuit het kantoor in huis regelen. Ik werk twee dagen per week op een SO-school in cluster 4. De andere dagen zorg ik voor de dieren die wij uit de bio-industrie hebben opgevangen in onze sanctuary; en op twee dagen in de week openen we de sanctuary als dagbesteding en zorgopvang voor kinderen, een soort zorgboerderij. We hebben twee lieve paarden waar we Western mee rijden en geregeld samen buitenritten mee maken in de natuur en we hebben een hond die waakt over het huis, maar ook houdt van knuffelen en sociaal is. In de toekomst zou ik twee kinderen willen krijgen, als dat mij gegund is. We wonen minder dan een uur van mijn ouders weg en eten elke zondagavond samen. We leven volledig veganistisch en maken zo veel mogelijk zelf en puur. In de tuin hebben we een moestuintje.

Dit is de droom waar ik hard voor werk om het waar te maken. Als dit me lukt, weet ik zeker dat ik heel gelukkig ben.


Het goede leven voor de algemene mens zie ik als basisbehoeften plus wat jou gelukkig maakt. Basisbehoeften zijn een recht voor iedereen, daarbij kan het leven fijn zijn als je je geluk na kan streven. Mijn geluk zit bijvoorbeeld in een leven met dieren en mensen om mij heen, maar dit kan verschillen per mens.



Ik ben op een punt aangekomen in de minor en in mijn leven waarin eigenlijk alles goed gaat. Ik merk wel dat ik sinds een aantal weken veel meer existentiële vragen en angsten heb gekregen, omdat wij in de minor alles bevragen en er dieper naar kijken. Ik hoop dat ik dit los kan laten, want ik zie ook in dat het nu allemaal goed gaat in mijn leven. Ik ben aan het bouwen naar de droom die ik wil bereiken. Dat is voor mij nu het goede leven.  

Zelfbeeld:
Mijn zelfbeeld is niet zo goed. Ik ben kritisch naar mezelf en vind dat ik altijd beter moet kunnen. Ik raak vaak in de knoop met mezelf en weet daar dan niet goed raad mee. Ik doe wel mijn best om zo sympathiek en empatisch mogelijk te zijn.

Na het uitwisselen van het portret met mijn maatje en het laten lezen door mijn ouders vond ik dit stukje toch te kort. Mijn zelfbeeld is veel beter dan wat het was als tiener. Ik voel me comfortabel in mijn lichaam en weet wie ik ben. Ik vind dat ikmooie eigenschappen heb zoals empathie, eigenwijsheid en creativiteit. Ik loop zeker ook vast tegen dingen die bij mij horen, manieren hoe mijn brein werkt of dat ik mezelf vergelijk met anderen, maar over het algemeen denk ik dat ik het best goed doe als mezelf in de maatschappij. Waar mijn kracht ook zeker in zit is dat ik bij mezelf blijf. Ik blijf bij mijn stijl, want dat vind ik leuk en mooi. Ik doe wat ik goed kan of leuk vind, ook al vind een ander dat gek.



Er was een punt niet zo lang geleden waarop ik de realisatie kreeg dat mijn ADHD een grote rol speelt in mijn leven en daarbij ook mijn zelfbeeld. Ik vraag me vaak af waarom bepaalde dingen niet lukken en waarom die bij anderen wel lukken en word dan boos op mezelf. Nu heb ik door te onderzoeken waar ADHD invloed op heeft in mijn leven ontdekkingen gedaan die ik eerst niet wist. Zoals dat ik last heb van afwijzingsgevoelige dysforie, intense emoties ervaren en moeite hebben met executieve functies. Ik ben mezelf steeds meer aan het accepteren en kan nu tegen mezelf zeggen: je bent geen aansteller, dit is hoe je brein werkt. Het komt goed.  

Wortels
Interviewouders en grootouders (of significante familieleden/vrienden over hun levensoriëntatie door te vragen naar hun mens-, gods- en wereldbeeld en het beeld van het goede leven. Beschrijf wat zij je vertellen.
Beelden van mijn moeder, 54, vrouw.
Mensbeeld
Het zijn van een mens geeft mij mogelijkheden om mijn dromen uit te laten komen. In de orde van de dieren zie ik de mens als diersoort met ontwikkelde hersenen waardoor het onder andere mogelijk is om dromen te hebben. Ook kan een mens proberen er zoveel mogelijk aan te doen om deze uit te laten komen.Andere mensen zie ik als onmisbaar omdat wij groepsdieren zijn. Ik probeer zo veel mogelijk mensen om me heen te verzamelen die lief en goed zijn waardoor ik geniet van de interacties van het leven in en met een groep. Mijn eigen gezin en mijn moeder zijn daarin het allerbelangrijkste. Door omstandigheden heb ik niet veel energie en ik probeer zo veel mogelijk van mijn energie aan deze mensen te geven. Ik zie wel dat er veel mensen zijn die (waarschijnlijk door levensbeschadigingen) niet meer bij het goede en lieve in zichzelf kunnen komen. Deze mensen probeer ik zo veel mogelijk te ontwijken en niet toe te laten in mijn persoonlijke kring. Als het niet anders kan, red ik me prima in interactie met deze mensen maar dan laat ik dit zo kort mogelijk duren. Graag kom ik daarna terug in mijn eigen groep en waardeer weer meer het lieve en het goede in de mensen waarmee ik samen leef.

Godsbeeld
Mijn vader geloofde echt in God. Hij was een heel goed mens maar toen hij stierf was hij verschrikkelijk bang dat hij nooit in de hemel mocht komen omdat hij ooit als kind, uit armoede, een keer een kip gestolen had. Niemand kon hem van die gedachte af brengen en ik vond het erg verdrietig om dit te zien. Mijn moeder gelooft nog steeds echt in God. Vroeger gingen we iedere week naar de kerk en ik ben katholiek opgevoed met alles erop en eraan. Naarmate ik ouder werd probeerde ik eerst dat geloof nog vast te houden omdat het houvast geeft en het is een fijn idee dat het goede beloond zal worden. Naarmate ik meer studeerde en leerde kwam ik tot de conclusie dat het wetenschappelijk niet mogelijk is. Ook trouwde ik met een man die absoluut niets met het geloof heeft waardoor de overtuiging dat God niet bestaat alleen maar groter werd.Op dit moment kijk ik wat dubbel naar het geloof. Aan de ene kant geeft het veel mensen steun en dat gun ik ze. Aan de andere kant worden er in naam van God zulke verschrikkelijke oorlogen gevoerd dat ik me afvraag of de wereld niet beter af zou zijn zonder dit geloof. Ik vind het ook lastig dat het geloof in principe goed zou zijn maar dat er mensen buitengesloten en veroordeeld worden. Dat klopt van geen kant. Ik ben er dus vrij zeker van dat God niet bestaat. Mocht ik me vergissen, dan hoop ik dat als ik dood ga, mijn vader met zijn armen wijd op me staat te wachten in de hemel. Maar ik reken er niet te hard op….

Wereldbeeld
De wereld is prachtig, de natuur is geweldig. De wereld is ook eng, omdat het overweldigend is en oncontroleerbaar. Ik denk dat de natuur ooit zal winnen van de mensheid. Toch zijn wij als mens ook onderdeel van deze natuur. Ik ben een optimistisch mens en vanuit dat optimisme probeer ik me niet teveel mee te laten slepen door alle negativiteit die de realiteit is wat betreft het klimaat. Ik hoop dat het nog meerdere honderden jaren duurt voordat de mensheid uitgeroeid is. Ik hou me vast aan deze, noem het naïeve, manier van kijken naar de wereld. Ondertussen probeer ik wel verstandig te zijn door afval goed te scheiden en ben ik bezig met het kopen van zonnepanelen. Ik hoop dat al deze kleine dingen bij elkaar voldoende zal zijn om het nog lange tijd vol te houden. Er zijn ook mensen met hele goede ideeën en ik heb ook vertrouwen in de volgende generaties.Ik vind het wel jammer dat er een kleine, rijke minderheid is die op de wereld lijkt te bepalen. Het is verschrikkelijk dat er voedsel genoeg is op de wereld maar dat er zoveel arme mensen zijn. Het is absoluut niet eerlijk verdeeld in de wereld en ik hoop dat dat beter gaat worden. Daarom stem ik altijd op de SP, laten we delen met elkaar .Daarnaast tel ik mijn zegeningen en ben ik iedere dag dankbaar voor mijn leven en al het moois dat ik mee mag maken. Ik heb een geweldig gezin, een lieve familie, drie prachtige huisdieren, een superleuke baan, een droomhuis. Ik ben me bewust van mijn geluk en gun dit ook aan andere mensen.
Beelden van mijn vader, 55, man.
Mensbeeld
Wat betekent het voor mij om mens te zijn  vind ik een moeilijke vraag. Ik heb immers geen vergelijkingsmateriaal. Ik weet niet hoe het is om geen mens te zijn. Als diersoort denk ik dat wij een "easy ride " hebben. Er wordt niet op ons gejaagd bijvoorbeeld.Dankzij onze intelligentie staan we volgens onszelf aan de top of the foodchain en dat lijkt mij een comfortabele positie.In dat opzicht ben ik blij als mens te zijn geboren, maar ik zet ook wel kanttekeningen bij die intelligentie.Voor ons eigen gewin zijn we blijkbaar bereid alles op het spel te zetten.Zijn we wel zo intelligent als we denken ? Voor mij persoonlijk, als ik om mij heen kijk , valt het niet mee om weldenkende mensen te vinden.Daar maak ik uit op dat mijn beeld van andere mensen niet bijster positief is . Maar dat gaat meer over onze samenleving en politiek.

Godsbeeld
Daar kan ik denk ik kort over zijn.Mijn ouders zijn Katholiek opgevoed maar hebben dat niet doorgezet bij hun eigen kinderen.Er werd thuis ook nooit over gesproken, dus ik heb mijn eigen mening kunnen vormen.Op de lagere school hebben we wel wat lessen godsdienst gehad, ( niet veel. Het was een openbare school.)maar ik heb er nooit iets in kunnen vinden. Ik heb geen makkelijke jeugd gehad en op mijn 12de is mijn 18 jarige broer overleden.Sindsdien was het voor mij een uitgemaakte zaak; er is geen God. Daar is de wereld te wreed voor. Ik geloof ook niet in een hogere macht of iets in die richting. We leven op een kleine planeet die draait om een kleine ster in een relatief middelmatig sterrenstelsel dat zich bevindt in een universum met honderden miljarden sterrenstelsels. Het is wel heel arrogant te denken dat wij speciaal zijn.Wel vind ik religie enorm fascinerend en ik denk te snappen dat dit voor sommige mensen een comfortabele gedachte is.

Wereldbeeld
Ik vind het jammer dat we de wereld niet als een plek kunnen zien, maar die hebben opgedeeld in stukken.Het maakt niet uit waar je bent geboren, in mijn optiek mag je gaan en staan waar je wilt. Het is niet meer dan logisch dat als je ergens bent geboren waar de dingen niet zo fijn gaan, je naar een andere plek gaat.Zo heeft de mens tenslotte de hele aarde bevolkt. Maar tegenwoordig vinden we in bevoorrechte delen van de wereld dat je niet je geluk mag zoeken.Ik vind dat onverteerbaar. Te meer omdat ik vind dat wij als rijke westen veel van de armere delen van de wereld bewust arm houden. We voeren er proxy oorlogen en ontzeggen vervolgens de burgers een veilige haven. Het is te hopen dat wij nooit hoeven te vluchten, we zouden weleens van een koude kermis thuis kunnen komen.Het is jammer dat blijkbaar de egocentrische mens altijd naar de top drijft en de dienst uitmaakt voor welwillende mensen. Ondanks dat de mens een gewelddadige soort is hebben we liefde en barmhartigheid toch ook hoog in het vaandel staan en dat is toch wat we eigenlijk uiteindelijk allemaal willen, mag ik hopen. Als ik puur vanuit de mens kijk is mijn wereldbeeld vrij somber. We lijken onszelf niet te kunnen redden. Als ik verder kijk dan de mens en meer naar het geheel kijk vind ik onze wereld, of aarde , een fantastische en fascinerende plek om te zijn.Er is veel moois te zien en te beleven. Ik zou het allemaal wel willen zien en meemaken. Van de Kalahari bushmen tot de neon straten van Tokyo. Van woestijnen tot regenwouden en van de huismus tot de vreemde fauna van Australië. Helaas is één mensenleven niet genoeg, laat staan mijn financiën. Ondanks de ellende die ik zie, moet ik niet alle schoonheid vergeten. Dan is er nog een vraag over werkelijkheid. Dat is ook een lastige.Wat is dat, werkelijkheid ? Mijn werkelijkheid is de jouwe niet. En hoe werkelijk is die eigenlijk? Mij is geleerd dat bijvoorbeeld gras groen is. Maar is mijn groen ook wel jouw groen ? Misschien zie jij gras wel als mijn rood,maar ook jij hebt geleerd dat gras groen is. Dus noemen we gras groen, maar zien we wel dezelfde kleur ? We beleven de wereld door hoe wij biologisch zijn geprogrammeerd. Onze ogen zien wat ze kunnen zien. Onze oren wat ze kunnen horen. Er zijn vogels die infrarood kunnen zien.Er zijn dieren die infra- of ultrageluid kunnen horen. Hun werkelijkheid van de wereld is dus heel anders. De meest aanwezige materie in het universum, donkere materie, is iets wat wij niet kunnen waarnemen, is een theorie. Als dat werkelijk waar is, hoe werkelijk is onze werkelijkheid dan nog ? Misschien spelen er zich naast ons wel dingen af waar we totaal geen weet van hebben.Werkelijkheid of realiteit is voor mij dus erg relatief. Maar ik weet natuurlijk niet of dat waar is...
Beelden van Femke, mijn zusje, 19, vrouw.
Mensbeeld
Mens zijn betekent voor mij de kracht hebben om andere mensen en dieren te helpen. Mijn mensbeeld is iets minder positief. Ik vetrouw de meerderheid van de mensen niet. Ik denk zeker dat mensen de wereld voor het betere zouden kunnen veranderen maar er zijn altijd mensen die het verpesten voor hun eigen rijkdom of/en Macht.

Godsbeeld
Ik geloof in geen god omdat ik vind dat met hoe de wereld eraan toegaat dat als er een god zou zijn dit een cruel god zou zijn. Ik denk ook dat de mens niet zo speciaal is vergeleken met andere dieren. En daarom zou er in mijn ogen dan ook een hemel moeten zijn voor elke eendagsvlieg, en ik denk niet dat dat er is.Ik ben opgevoed zonder geloof als invloed. Ik mocht wel in een god geloven als ik dat zou willen of niet geloven als ik het niet wilde.

Wereldbeeld
Ik vind de natuur mooi maar soms ook een beetje cruel. Met hoe alleen sommige dieren kunnen blijven leven.Qua de samenleving vind ik het niet oké dat sommige mensen zoveel kracht gaat dat ze eigenlijk alles mogen doen zonder straf. Ik vind het ook jammer hoeveel negativiteit er is in de wereld.
Beelden van Jarno, mijn man, 21, man.
Mensbeeld
Negatief, ik vind dat we de wereld kapotmaken. We zijn met teveel, we hebben onszelf in een systeem gezet dat niet natuurlijk is voor onszelf. De mens heeft zijn mooie punten, maar ook lelijke punten. Mooie punten aan de mens vind ik, op individueel level bijvoorbeeld, mijn vriendengroep heel mooi. Hoe je samen kan zijn, momenten kan delen etc. Op individueel niveau is de mens een mooie soort. Op globaal niveau denk ik aan bedrijven en hoe zielloos er met elkaar wordt omgegaan. Dat vind ik negatief aan de mens.

Godsbeeld
Ik geloof niet in een god. Ik denk niet dat er een hogere "being" is dan ons. Ik denk dat dat niet kan met hoe de natuur zo werkt. Ik zou het oneerlijk vinden als dat zo is, waarom zou er dan een hoger iemand zijn die alles mag beslissen. Ik ben religieus opgevoed. Christelijk, evangelische kerk. Elke week een keer naar de kerk, daar zag ik altijd tegenop. Als kind geloofde ik wel in een god, omdat ik zo ben opgevoed. Ik heb ook op een Christelijke basisschool gezeten. Ik ben er uitgegroeid en heb er nu een andere mening over.

Wereldbeeld
Ik vind de natuur mooi, ik vind het bijzonder dat dieren en de natuur zo bestaat. Als het gaat over de samenleving en de politiek ben ik er negatief over. Oorlogen en waar deze op gebaseerd zijn; denkbeeldige grenzen, geloof en resources. Ik vind het erg om te zien hoe de mens de aarde kapotmaakt. Klimaat, natuur, dieren. Ik vind het erg om te zien dat de mens denkt dat zij boven alles staat en daardoor greedy omgaat met resources. Ik ben gespannen voor als er een watercrisis en oorlog komt. Het kapitalistische systeem werkt naar mijn mening niet; we schieten onszelf daarmee in de voet. We hebben van iets heel moois, iets heel lelijks gemaakt wat betreft de planeet aarde.
Beelden van Thobias, mijn zwager, 20, man.
Mensbeeld
Ik kijk gelijk naar individuele mensen, maar ook naar een groep. Een individu is een uniek persoon, je hebt eigen potentie. Mensen kunnen snel op elkaar lijken. Ik betrap mezelf erop dat ik mensen veroordeel op basis van uiterlijk. Ik denk niet in positief of negatief. Bij een groep mensen vraag ik me gelijk af met wat voor mensen zij om zouden gaan. Ik krijg gelijk associaties met eerdere ervaringen en maak op basis daarvan een oordeel. Ik denk dat mensen met meer levenservaring een beter antwoord weten op wat het betekent om mens te zijn. Ik denk dat het is om samen te zijn, gelukkig te zijn en om te creëren (kunst, uitvindingen, alles dat een uiting kan zijn van iemand).

Godsbeeld
Ik geloof niet in een god, maar daardoor kan ik iets vinden van mensen die wel geloven. Bij die mensen snap ik dat ze geloven, als mens ben je bang voor de dood. Als mens hoop je dat je na de dood doorgaat naar een heilige plek. Hier doel ik vooral op Christelijk geloof. Ik werk in de wetenschap en het kan wetenschappelijk niet bestaan, het klopt niet. Geloof kan iets moois zijn, het kan mensen samenbrengen en mensen een goed gevoel geven. Wat bij geloof niet zou moeten zijn is dat je mensen forceert iets te denken of doen. Ik ben vroeger naar de kerk gegaan en heb op een Christelijke basisschool gezeten. Ik heb liedjes gezongen. We baden vroeger voor het eten en slapengaan. Mijn ouders baden voor mij als ik ziek was. Vroeger geloofde ik wel en niet. Ik hoopte dat er iets was. Ik heb denk ik zelf ook wel eens gebid voor iets. Ik denk niet dat het vroeger heel actief was. Ik ben langzaam gaan accepteren dat een hogere god bestaat. Het zou wel cool en eng zijn als het bestaat.

Wereldbeeld
Als ik aan de wereld denk, denk ik aan natuur. Ik vind de natuur mooi. Waar ik nu aan begin te denken is de oertijd, de ontwikkeling van de mens en nu. Ik zou niet gelijk negatief willen antwoorden, met een blik op hoe het nu politiek en economisch gaat in de wereld, omdat ik dat maar een klein deel vind van het geheel. Ik moet er wel gelijk aan denken en kom eigenlijk ook niet op iets anders. Ik moet ook denken aan documentaires van de natuur, daardoor denk ik gelijk aan wat we allemaal nog niet weten van de natuur. Ik vind het indrukwekkend hoe het werkt. Ik heb zelf twee ecosystemen in aquaria op mijn kamer staan. Ik vind het zo fascinerend dat het systeem blijft werken. Hoezo? Hoe kan het dat het goed blijft gaan en niet alles doodgaat? Ik hoef er niet veel voor te doen. Ik moet gelijk denken aan dat natuur altijd een weg vindt. Natuur link ik ook aan het universum. Nu denk ik dat moeder natuur misschien wel een God is. wat dat betreft zou je dat als godsbeeld neer kunnen zetten. We noemen de natuur immers moeder natuur.
Beelden van Ata, een van mijn vrienden, 20, man.
Mensbeeld
Het betekent voor mij om mens te zijn om plezier te maken en dingen uit te zoeken. Ik vind het interessant om erachter te komen hoe alles werkt; lichaam, sociale interactie, liefde etc. Mensen in mijn cirkel vind ik hardwerkende, aardige mensen die het beste voor mij willen. Mensen buiten mijn cirkel, in de samenleving zie ik als hardwerkende mensen die worden genaaid door een kleinere groep mensen (mensen met veel macht, vaak witte oude mannen).

Godsbeeld
Ik ben Islamitisch, ik geloof in één god. Ik geloof in de profeten. Ik geloof in wat er in de Koran staat, de wetten die daarin staan. Ik vind het niet oké wat mensen er van maken. Mensen maken van een mooie religie een streng regime wat het eigenlijk in de kern niet is. Ik ben vrij islamitisch opgevoed. Ik ben nergens toe geforceerd, alles komt uit eigen interesse. Thuis oefenden we versjes uit de Koran. Ik ga elk jaar met het Suikerfeest naar de moskee.

Wereldbeeld
De wereld klopt naar mijn mening niet, het is stuk. De mensen die juist niet aan de macht horen te staan staan nu wel aan de macht. Economisch werkt het niet, sociaal werkt het niet. Het werkt niet voor de mensen die extra hulp nodig hebben. De mensen die al hebben wat ze nodig hebben hebben het prima. Als je genoeg privileges hebt, heb je ruimte om het je niet te laten boeien. Er zijn nog genoeg mensen die strugglen en er gaat geld naar de verkeerde dingen, naar mijn mening. Het rechtsysteem vind ik ook oneerlijk. Waar het op neerkomt: je kan alles flikken, als je maar genoeg geld hebt. De bio-industrie vind ik moreel incorrect, maar ik doe er zelfs niks aan. Kledingindustrie vind ik niet oké wat betreft het milieu. Ook vind ik het oneerlijk dat bijvoorbeeld boeren niet eerlijk betaald krijgen.
Beschrijf wat volgens jou de dominante visie is in de maatschappij op de mens, god/het hogere, de wereld en het goede leven (media, ed.).
De dominante visie die in mijn persoonlijke cirkel vooral voorkomt is dat de mens een dier is, er geen god bestaat, het gaat niet best met de wereld, maar toch kunnen we ons eigen geluk vinden.

Qua religie zie ik dat in de wereld de Islam, het Christendom, het Jodendom, het Hindoeïsme en het Boeddhisme de grootste zijn. Maar ook steeds meer mensen zien zich als atheïst of agnost.

Ik denk dat het mens- en wereldbeeld in de maatschappij op dit moment vooral kritisch en somber is. Maar er is ook hoop. Iedereen probeert zijn/haar eigen geluk te zien en de mooie dingen in het leven te mogen meemaken.

Ik denk dat veel mensen wel het gevoel hebben dat ze een goed leven hebben, maar heel veel mensen blijven zich vergelijken met elkaar of blijven het gevoel hebben dat ze iets missen. Ik ben me er van bewust dat dit een Westerse blik. In arme landen of delen lijkt het mij dat mensen daar ongelukkiger zijn, maar ik heb me ook laten verrassen door mensen die niet veel hebben en toch tevreden zijn.


Nadat ik minder op nieuws in de media ben gaan focussen en meer in wat er in het nu om mij heen speelt, is mijn blik wat positiever geworden. Ik was bang dat de dominante visie negatief was in de wereld, dat is misschien ook wel zo, maar ik merk dat de mensen om mij heen (ook buiten mijn cirkel maar waar ik mee omga) best dezelfde visie delen als ik; op een fijne manier met elkaar omgaan en respect voor elkaar tonen.


Ik sta hier nu nog hetzelfde in. Het is fijn om vooral te focussen op mensen om je heen en niet te veel buiten de cirkel. Ik denk ook dat dat natuurlijk is, als we kijken naar stammen in de prehistorie.  
Beschrijf je culturele, geografische en sociaaleconomische achtergrond.
Om mijn culturele achtergrond te beschrijven ga ik terug naar waar ik begon; als kind. Ik ben geboren in de Haarlemmermeer, maar verhuisd toen ik 2 maanden oud was naar Westdorpe, een dorpje in Zeeuws-Vlaanderen, tegen de Belgische grens aan. Ik voel me dan ook echt een Zeeuw; ik heb zelfs een tattoo laten zetten van zeehonden met als symbolische betekenis dat ik verwant ben aan Zeeland. Ik ben dus van Nederlandse nationaliteit, maar deel niet alle “typische” Nederlandse gewoonten. Ik zou bijvoorbeeld weinig BN-ers kunnen noemen. Daarentegen houd ik wel heel erg van de Nederlandse taal. Ik ben naar een katholieke basisschool geweest, niet omdat mijn ouders dat belangrijk vonden, maar omdat de dichtstbijzijnde openbare school meer dan 15 kilometer verderop was. Mijn ouders vonden het belangrijk dat ik naar school zou gaan in het dorp waar ik woon, zodat ik ook vrienden kon maken op die school en buiten schooltijd met ze kon spelen; ik kon me dan als het ware wortelen. We hebben altijd al een heel liefdevol gezin gehad. Mijn moeder is orthopedagoog-generalist en universitair opgeleid. Mijn vader heeft de middelbare school afgemaakt en is huisvader. Dat is voor mij juist eigenlijk altijd fijn geweest, want daardoor hoefden mijn zusje en ik nooit naar een opvang of kinderdagverblijf (wel de peuterspeelzaal, maar dat was omdat dat goed was voor de ontwikkeling). Er is nooit sprake geweest van geldtekort, in ieder geval niet naar mijn gevoel. Femke (mijn zusje) en ik mochten altijd op twee hobby’s en kregen mooie cadeaus op onze verjaardag en met Sinterklaas. De traditie zat er ook echt in dat we met Sinterklaas onze schoen 2x per week mochten zetten. Als het Sinterklaasavond was kwamen er drie grote juten zakken vol met cadeaus. Nadat wij niet meer geloofden in Sinterklaas zijn we overgegaan naar Kerst vieren. Nu nog steeds vieren we Kerst met allemaal cadeaus en lekker eten. Mijn vader en ik hebben er een traditie van gemaakt dat wij op Eerste Kerstdag de hele dag in de keuken staan; wij maken het eten. Ik koester dat ook echt, Kerst is mijn favoriete dag van het jaar.
Je levensverhaal
Schets je levenslijn en markeer de momenten die bepalend zijn geweest voor jouw ontwikkeling en beschrijf die (bijvoorbeeld a.d.h.v. de gebeurtenissen, ontmoetingen, keerpunten, personen)!
0 jaar – geboorte.
1 jaar – veel gespeeld met vriendin Naomi. Zij is de dochter van de beste vriendin van mijn moeder. Ik speelde elke vakantie als we elkaar zagen met Naomi (haar gezin woont in Hoofddorp).
2 jaar – voor het eerst naar de peuterspeelzaal. Andere kinderen ontmoeten en loskomen van altijd thuis zijn.
4 jaar – voor het eerst naar de basisschool. Hier had ik plezier in school. Ik kon met veel kinderen overweg.
4,5 jaar – Femke geboren. Een groot lichtpunt in mijn leven is mijn zusje Femke en dat is ze altijd al geweest. Ik was beschermend naar Femke toe en zij was echt mijn lieve kleine prutsje. Nu nog steeds hebben Femke en ik een hele sterke band.
6 jaar –snel afgeleid zijn, moeite met stil zitten en opletten zorgt ervoor dat het in de klas lastiger gaat. Kinderen wilden niet meer naast mij zitten omdat ik altijd aan het zingen was.
9 jaar – diagnose ADHD. Een uitleg voor het gedrag en de moeilijkheden die hiervan kwamen was fijn. Heel groep 6 heb ik wel op de gang gezeten. De leraar wist niet wat hij met mij aan moest en daarom werd ik op de gang gezet. Dit voelde wel als een afwijzing.
10 jaar – begonnen met toneel als hobby. Yvonne (de docent) heb ik veel steun aan gehad in mijn jeugd.
11/12 jaar – in groep 8 had ik een leerkracht die mij echt zag. Ze zag talent, creativiteit en liet mij het gevoel hebben dat ik competent was. Dit jaar heb ik de voorleeswedstrijd van de school gewonnen en dit was goed voor mijn zelfvertrouwen. Met een havo-advies ben ik naar de middelbare school gegaan.
12 jaar – Hond Floyd geadopteerd. Floyd heeft mij heel erg gesteund in mijn jeugd en vooral tijdens mijn puberteit. Hij is echt een van mijn beste vrienden. Tot de dag van vandaag is hij nog steeds mijn grote vriend, mijn steun en mijn lieve schat.
12/13 jaar – brugklas. Ik had vrij snel twee vriendinnen gevonden die voor het eerst echt bij mij pasten, Garfie en Merel (toevallig dezelfde naam als ik zelf heb). Met drie sterk waren we een mooi groepje en ik kon mezelf zijn bij deze vriendinnen. Garfie had een vriendin van de basisschool die op VMBO-t zat, Kiara. Kiara had in haar klas Lyanne bevriend. Al snel waren we met zijn vijven een groepje. Bij Garfie, Merel en mij in de klas zat nog Isa, die eerst bij de populaire meiden wilde horen, maar dat lukte niet. Ze is toen naar ons toegekomen en wij hebben haar in ons vriendengroepje opgenomen. Met een blik op nu: Isa is kort geleden uit de vriendengroep gestapt, maar Lyanne, Garfie, Merel, Kiara en ik zijn tot de dag van vandaag nog beste vriendinnen. We vieren van de zomer ook ons 12 jarig “jubileum”.
15 jaar – eerste verkering. Ik was hier zelf best somber en onaardig tegen mezelf. Ik ontmoette Adrian, een 15-jarige jongen die transgender is. Ik heb in het half jaar dat we bij elkaar zijn geweest ook gender gerelateerde vragen gehad, ik denk omdat hij me aan het denken zette en ik niet goed wist wie ik was en wilde zijn. Ik heb geëxperimenteerd met stijl en gevoelens daarbij. Adrian en ik trokken elkaar dieper een somber gat in en waren eigenlijk helemaal geen goede invloed voor elkaar. Dit is op gegeven moment dus ook op zijn eind gelopen en nadat hij vertelde dat hij naast mij nog een relatie had en graag een polyamoreuze relatie wilde, heb ik het met hem uitgemaakt.
16 jaar –drop out van school. Ik ging het niet redden op havo 3 en mocht niet meer terug naar VMBO-t. De oplossing die mijn mentor van dat jaar gaf was dat ik naar MBO niveau 1 kon. Mijn moeder heeft een onderwijsachtergrond en was het hier zeker niet mee eens. Na veel in strijd zijn met school mocht ik naar MBO niveau 4, naar de opleiding onderwijsassistent, als ik “over” zou gaan met maximaal 2 tekorten op alleen de vakken van het CM-profiel zonder wiskunde. Dit is gelukt en ik mocht naar de opleiding onderwijsassistent. Dit was een verademing, want hier kon ik makkelijk goede cijfers halen zonder te veel moeite. Kiara, van de middelbare school, ging ook naar deze opleiding en we kwamen bij elkaar in de klas. Ook ontmoetten we Bo, een aardige meid waar wij het wel mee konden vinden. We hebben met elkaar enorm veel lol gehad. Bo introduceerde me ook aan haar toneelgroep in Hulst, die ook geleid werd door Yvonne. Ik ben toen overgehaald om daar naar toe te gaan en de jaren die ik daar op toneel heb gezeten, hebben mij een uitlaatklep en zelfvertrouwen gegeven.
16 jaar –tweede verkering. Dit keer was het serieuzer. Ik ontmoette Robin op toneel, en ging vrij snel een relatie met hem aan. Achteraf zie ik dat dit is omdat ik het alles met liefde wel spannend vond, en toen hij mij appte met “ik vind jou wel leuk, wil je een relatie met mij?” ik maar ja zei. Uiteindelijk zijn we anderhalf jaar samen geweest en in de relatie is veel van mijn onzekerheid naar boven gekomen. Ik was eigenlijk heel ongelukkig met hem, maar durfde hem niet los te laten. Het is ook een tijd uit geweest, maar toen zijn we toch weer samengekomen. In woorden van nu kan ik het omschrijven als een “toxic relationship”, waarin ik uit onzekerheid heel hard aan hem ging vastklampen en hij niet wist hoe hij om moest gaan met een relatie en iemand die dichtbij komt, waardoor hij me vaak mentaal wegduwde en er eigenlijk geen plek voor had. Ik merk dat ik hier soms nu nog last van heb in mijn relatie met mijn man Jarno. Ik ben heel bang voor afwijzing en vind het soms nog eng om hem los te laten en ruimte te geven. Ik heb dus wel littekens hier aan over gehouden, op een manier.
17 jaar – rijbewijs gehaald.
17/18 jaar – coronacrisis. Ik ging persoonlijk heel goed op de thuiszit maatregelingen. In mijn liefdevolle gezin spendeerden we de dagen vooral in de woonkamer met elkaar. We deden ons eigen ding, maar waren (en zijn nog steeds) content met elkaar. Het was wel een periode zonder schoolstress en veel tijd, waardoor ik ook de tijd kon vinden om mezelf te ontwikkelen.
18 jaar –volwassenheid. De dag dat ik 18 werd heb ik mijn haar zwart geverfd, want dit mocht nooit van mijn moeder (andere kleuren wel, maar ze dacht dat ik er heel erg wit uit ging zien met zulk donker haar). Ik mocht ook voor heteerst alleen met de auto op pad. Ik ben met hond Floyd en Isa samen naar het strand geweest. Dit was een moment van de realisatie van vrijheid en op een manier een verademing. Ik begon me meer te ontwikkelen richting volwassen en werd sociaal-emotioneel sterker.
19 jaar – voor het eerst liefdesverdriet. Ik had een tijd veel contact met Seth, een jongen die Naomi mij had laten ontmoeten. Ik vond hem heel erg leuk en we hadden dezelfde energie. Hij is zijn vader verloren en had daarom moeite met zich helemaal geven. We gedroegen ons als in een relatie, maar hij wilde er de sticker niet opplakken. Op een gegeven moment heb ik hem de keuze gegeven: of het wordt nu officieel en serieus, of ik ga door met het leven. Hij gaf toen aan dat het niet ging lukken om een relatie aan te gaan. Dit is de eerste keer dat ik liefdesverdriet voelde, gek genoeg had ik dat bij Adrian en Robin niet echt. Toen was het uit en dat was het. Met Seth ben ik er echt ziek van geweest.
19 jaar – opleiding onderwijsassistent afgerond op Scalda Terneuzen. Ik had me aangemeld voor een koksopleiding op het ROC in Amsterdam, BBL. Ik ben in de zomervakantie verhuisd naar mijn oom en tante in Aalsmeerderbrug op een klein kamertje. Zij hebben niet een heel gezellig of dynamisch gezin, dus het wonen daar was niet zo gezellig. Ik had heel veel moeite met loskomen van thuis en heb ontzettend veel heimwee gehad. Ik ben gaan werken in de keuken van een hotel, hotel Park Inn Amsterdam City West. Dit hotel ligt naast station Sloterdijk. Ik heb hier fijne collega’s ontmoet en geoefend met sociale vaardigheden. Het was hard werken, maar dat was ook goed voor me. Ik moest financieel ook zelfstandiger worden. In een paar maanden heb ik grote stappen gezet richting volwassenheid.
19 jaar – Jarno ontmoet. Na veel zoeken op Tinder heb ik Jarno gevonden. Hij is naar mijn kamer gekomen, we hebben sushi gemaakt, de hele nacht gegamed en daarna duurde het maar twee dagen voordat we elkaar weer zagen. Sindsdien zijn er niet veel nachten waarin we niet naast elkaar slapen. Ik heb echt heling en rust bij hem gevonden en wist al vanaf het eerste moment dat dit anders ging zijn dan de andere dates. Hij had nog helemaal geen ervaring en dat was voor mij heel helend. Het was alsof ik alles opnieuw mocht uitproberen, maar nu veilig en fijn. Ik ben onofficieel bij hem gaan wonen, bij zijn ouders (ik had nog wel de kamer in Aalsmeerderbrug). Na een tijd heb ik aangegeven bij mijn tante dat ik bij Jarno en zijn ouders wilde gaan wonen. Ik woon daar nu nog steeds.
20 jaar – wissel van opleiding, naar HU opleiding leraar basisonderwijs. Ik had toch het gevoel dat ik iets miste toen ik de koksopleiding deed. Ik heb heel veel geleerd op het ROC, maar miste de “waarde” in het werk. Dat vond ik wel in het werk met kinderen. Ik ben gewisseld van opleiding, al vond mijn moeder dat niet helemaal fijn (zij wilde liever dat ik de opleiding afmaakte en daarna een andere zou doen), maar ik was zeker van mijn zaak. Ik heb gesolliciteerd op de Luc Stevensschool in Utrecht en ben daar als onderwijsassistent aangenomen. Toen ben ik de deeltijd pabo gaan doen. Dit was de juiste keuze, ik zit hier goed op mijn plek, hoe moeilijk het soms ook is. Op de Luc Stevensschool heb ik het enorm naar mijn zin. Het is moeilijk, heftig, leerzaam, mooi, leuk en erg waardevol.
22 jaar –breuk in vriendschap met Naomi. Naomi heeft een vriend uit Egypte. Jarno en ik waren uitgenodigd voor hun verlovingsfeest en na alles boeken hebben ze onze uitnodiging ingetrokken. Ik beschouwde Naomi als mijn beste vriendin, dus dit was erg heftig voor mij. Ik voelde me er verdrietig en verraden door. Jarno en ik zijn alsnog op vakantie geweest naar Egypte en het was heel erg mooi en indrukwekkend en ik ben heel blij dat ik het gezien heb, maar het was wel een schep uit de financiën. Naomi gaf Jarno de schuld dat haar vriend hem niet aardig vond en mij de schuld dat ik te snel heb geboekt. Ze heeft nare dingen tegen me gezegd en ik heb toen de vriendschap, die 22 jaar lang had geduurd, verbroken. Dit moest ik echt even verwerken. Ondertussen heb ik er vrede mee en is het rustig, maar ik had het er toen wel moeilijk mee.
22 jaar – verloofd in Ronse, de plek waar wij uiteindelijk willen wonen. Een heel magisch moment en ook een heel fijn moment. In het huisje waar wij in zaten, kreeg ik een visie van de toekomst en een geluksmomentje hoe fijn het daar was.
23 jaar –getrouwd met Jarno. Op 1 september 2025 zijn Jarno en ik in het klein getrouwd. We wilden een grote bruiloft in de tuin van ons droomhuis, maar aangezien die droom nog ver weg is, wilden we al wel officieel trouwen. We hebben dit heel klein gevierd, met alleen de twee gezinnen erbij. Het was een intieme, spannende, verbindende en vooral heel liefdevolle dag. Femke heeft mijn trouwjurk zelf genaaid en dat was ook heel bijzonder. Ik was heel erg gelukkig die dag en ben nog steeds gelukkig met Jarno. Ik heb al erg veel zin in ons eerste jubileumpje.
23 jaar – begin aan de minor filosofie. Ook een punt in mijn leven wat nu al en waarschijnlijk nog meer verandering gaat brengen, is deze minor. Ik ben me nu al veel bewuster van wat ik doe en denk en redeneer en filosofeer meer dan eerst. Na elke collegedag ben ik de informatie en ontmoetingen aan het verwerken, zodanig dat het in mijn dromen terugkomt. Ik dacht tijdens de eerste dag toen Edwin vertelde dat we heel veel in ons hoofd bezig zouden zijn met de minor, dat ik het wel los zou kunnen laten, dat doe ik immers snel met dingen die op werk gebeuren ook. Maar ik merk dat ik er erg mee bezig ben, onbewust en bewust. Ik kijk met andere perspectieven en denk anders over dingen na. Ik ben benieuwd wat het me nog gaat brengen.
23 jaar – na de inspiratiedriedaagse. Iets in mij is veranderd sinds de driedaagse, ik ben er anders weggegaan dan dat ik erin ging. Ik ben me bewuster van mezelf, mijn acties, gedachten van een ander. Ik heb inzicht gekregen in dat ik moeite heb met het openstellen van mezelf qua emoties en dat dit voortvloeit uit een gevoel van schaamte en het altijd goed willen doen. Ook heb ik het inzicht gekregen dat verbinding voelen, aangaan en verdiepen erg belangrijk voor mij is.

23 jaar – Romereis. Een prachtige reis met lieve mensen. Veel kunst bekeken, gebouwen bewonderd en nagedacht over wat zaken zijn die een belangrijke rol in mijn leven spelen. Ook hier kwam verbinding weer naar voren.  


Zin van het leven
Hoe kijk jij aan tegen de zin van het en van jouw leven?
De zin van het leven vind ik dat we het zo fijn mogelijk moeten maken voor onszelf waarbij we ook denken aan anderen. Daar op aanhakend is de zin van mijn leven ook echt gevormd door de mensen om mij heen. Ik heb ontzettend veel liefde en steun aan mijn ouders, zusje, man en vriendinnen. Eerlijk gezegd zie ik in de zin van het leven niet perse dat ik zo hoog mogelijk moet komen, ik doe vooral HBO zodat ik genoeg verdien om comfortabel te leven. Daarnaast heb ik wel voor een baan en opleiding gekozen die dichtbij mijn hart ligt en waarbij ik iets kan bijdragen aan de maatschappij.

Hier heb ik niet veel aanvullingen op, ik vind dit nog steeds. Ik stel me open voor nieuwe inzichten, maar nu is voor mij vooral verbinding en community belangrijk.
Welke betekenis ken je toe aan dood, ziekte, ‘ongeluk’ en het kwaad?
De dood vind ik erg eng. Ik schuif dit ook bewust weg want anders raak ik in paniek. Ziekte zie ik van dichtbij, want mijn moeder heeft MS en mijn vader heeft COPD. Ik heb zelf de diagnoses fibromyalgie, chronische migraine en PDS. Dit voelt vaak erg oneerlijk, vooral dat mijn ouders ziek zijn. Ik sta er zo in dat ik liever de klappen opvang dan de mensen waar ik van houd, dus ik zou het liefst alles willen overnemen zodat zij zich beter voelen. Realistisch gezien kan dat natuurlijk niet en ik heb ook moeite met mijn eigen chronische ziektes. Ik ben deze ook nog aan het verwerken, want ik vind het lastig dat ik zo jong al dit bij me draag. Gelukkig heb ik injecties tegen de migraine die heel erg veel helpen. Dit heeft, al antwoordend op vraag c, de kwaliteit van mijn leven een stuk verbeterd.
Het kwaad zie ik niet zo als in een verhaal, bijvoorbeeld. Ik denk niet dat er iets is zoals “het kwaad” en denk dat mensen die zich normoverschrijdend gedragen altijd een reden hebben dat dit zich uit. Ik vind het lastig om te gaan met mensen die veel macht en geld hebben over de rug van anderen, ik weet niet zo goed hoe ik dat kan relativeren of uitleggen.

Na de hoorcolleges probeer ik vaker te denken ‘het is zo, ik kan er niks aan doen, dus laat het los’. Dit pas ik toe bij tegenslagen en bij de negatieve dingen die gebeuren in de wereld. Ik doe zo veel mogelijk mijn best en zal dus moeten loslaten waar ik geen invloed op heb.

Tijdens deze minor is de angst voor de dood erg toegenomen. We hebben hier ook een Socratisch gesprek over gevoerd en ik dacht dat dat me ging helpen maar misschien heeft het het juist groter gemaakt. Ik ben nu bezig met het vertellen aan mezelf dat dit een probleem is voor later, pas als ik oud ben. Het is zonde om het plezier van het jonge leven weg te laten nemen door deze paniek elke keer. 
Hoe kijk jij aan tegen de kwaliteit van je bestaan in relatie tot jouw opvatting van ‘het goede leven’ (vraag 1 D)?
Ik ben erg tevreden met de kwaliteit van mijn bestaan. Ik voel me, zeker eigenlijk de laatste tijd, best goed in mijn vel. Ik bots wel veel met mijn ADHD, wat erg vermoeiend kan zijn. Nu ben ik vooral bezig met gezond eten, voor mezelf zorgen en de balans tussen studie en privéleven vinden. Ik ben erg gelukkig met mijn man en familie.

Een inzicht dat ik heb gekregen is dat ik door opkroppen van emoties/overprikkeld zijn/vermoeidheid kan afreageren op anderen. Hiermee ga ik met mijn TVS aan de slag. Ik ben aan het uitproberen met werkende medicatie. Op dit moment doe ik er alles aan om zo dicht mogelijk bij mijn visie van het goede leven te komen.

Het gaat steeds beter. Ik zit nu in een goede flow en alles in mijn leven is fijn zoals het is. Ik werk aan mijn toekomst en ik verwacht dat dat allemaal goed gaat komen.  
Wat is voor jou de betekenis van werk/arbeid in het algemeen?
Arbeid is je steentje bijdragen aan de maatschappij. Natuurlijk is het ook om geld te verdienen om voor jezelf te kunnen zorgen maar in de kern vind ik het kunnen bijdragen aan de maatschappij.
Welke visie heb jij op jouw beroep en beroepsgroep (waarvoor je momenteel opgeleid wordt)?
Ik vind mijn beroep ontzettend belangrijk. Het onderwijs aanbieden voor leerlingen en ze klaarstomen voor de middelbare school is heel waardevol. Mijn hart ligt ook echt in het speciaal basisonderwijs, waar de leerlingen echt die steun kunnen gebruiken. Ik heb ook het gevoel dat ik hier het verschil kan maken voor sommige leerlingen.

Het bovenstaande vind ik nog steeds, ik voel mij thuis op het SBO en denk dat een rol als onderwijzer en opvoeder goed bij mij past. 
Hoe omschrijf je jouw beroepsidentiteit?
Ik heb als juf een groot hart voor kinderen, ben geduldig, vriendelijk en empatisch. Als het nodig is ben ik consequent, voorspelbaar en duidelijk.
Als collega ben ik vriendelijk, heb ik een open houding, ben flexibel en leergierig. Soms ben ik nog wat onzeker om in grotere groepen wat te zeggen/mijn mening te geven.


Ik denk dat ik kan bijdragen aan het kijken naar gedrag van kinderen. Ik vind gedrag heel interessant en wil dat alle leerlingen zich zo fijn mogelijk voelen, en door het beste te zien in elk kind wil je ook verder kijken dan het gedrag. Waar komt het vandaan? Ik ben momenteel een preventiebeleid aan het schrijven voor mijn practicumplek (en werk) dat als aanvulling werkt voor de interventieladder (stappenplan bij ongewenst gedrag). Ik hoop dat ik een bijdrage kan geven aan het voorkomen en vroeg signaleren van ongewenst gedrag en het rekening houden van behoeften van kinderen. Dat in samenhang met traumasensitief handelen. 
Hoe zie jij jezelf als onderdeel van het grote geheel (mensheid/samenleving/wereld/kosmos)
Mensheid: ik ben een gevoelig mens, dat niet graag alleen is. Ik begin steeds meer van mijn lichaam te houden, ik zie het als het materiaal dat mij kan voortbewegen. Ik ben wel graag met mezelf in gedachten. Ik ben graag met de mensen om mij heen en probeer een zo goed mogelijk mens te zijn.

Samenleving: in de samenleving wil ik mijn steentje bijdragen vanuit mijn beroep en door belasting te betalen. Ook ga ik altijd stemmen en vind ik de democratie belangrijk.

Wereld: ik ben een klein onderdeel op de wereld, maar probeer toch het verschil te maken. Ik eet volledig plantaardig, koop zo min mogelijk fast fashion en denk milieubewust.

Kosmos: ik ben maar een klein microscopisch puntje wat betreft de kosmos en de ruimte. Ik vind mezelf daarin niet significant.
Inspiratiebronnen
Personen:
Mijn ouders
Mijn zusje
Mijn man
Mijn vriendinnen
Lies van Sanctuary Vrijlief (ze vangt dieren op uit de bio-industrie)
Mignon Nusteling en Sebastian van Dalen (kunstenaar en haar man, ze hebben samen een podcast die mij enorm inspireert)
Joost Klein (geeft aan dat je alles kan, als je maar gelooft en droomt)
Boeken:
Alle boeken van Sarah J Maas, ik houd van fantaseren en verhalen daarin.
Warrior Cats serie van Erin Hunter, zet me aan het denken, is spiritueel, laat de fantasie en beelddenken vloeien.
The Hunger Games trilogie, ik vind het maatschappij-kritisch en dat vind ik belangrijk.
Films:
Interstellar, zet me aan het denken en filosoferen over de ruimte.
Dune vind ik ontzettend mooi, de tweede film is mijn all-time favourite. Ik vind het een kunstwerk op zich, de camerabeelden, de set, de effecten, de acteurs, het verhaal en absoluut de muziek.
Tim Burton films haal ik creatieve inspiratie uit.
Avatar, dit is geen film maar een serie, maar ik haal veel inspiratie uit de balans die hierin genoemd wordt, de vriendschappen die je moet onderhouden en de innerlijke rust die je verder brengt.
Muziek:
Bring me the Horizon, mijn favoriete band, heeft een grote emotionele waarde voor mij. Het heeft me in moeilijke fases van mijn leven geholpen en doet dat nog steeds.
Sleep Token, ik krijg kippenvel van hoe mooi ik deze tekst samen met de melodie vind.
Hans Zimmer, vooral de soundtrack van Interstellar, Dune en Oppenheimer vind ik krachtig en mooi. Ik zet dit op als studiemuziek, voelmuziek, verwondermuziek etc.
Red Hot Chili Peppers, heeft emotionele waarde voor mij. Veilige muziek waarvan ik een warm gevoel krijg. Dit komt omdat het veel in mijn jeugd is gedraaid en mijn ouders de nummers tweestemmig meezingen.

Van Bring me the Horizon, Sleep Token, Red Hot Chili Peppers, Avatar en Tim Burton heb ik ook tattoos. Ze hebben mij zodanig geïnspireerd dat ik ze altijd bij me wil hebben.
Welke bronnen zou je willen aanboren?
Ik zou heel graag mantras willen leren zingen. Het lijkt me ontzettend rustgevend en ik hou van zingen/geluid maken. Ik zou ook graag kunst willen leren beoefenen die gevoelsmatig ontstaat. Het voelt zo fijn om te bewegen op muziek zonder choreografie of uiteindelijk doel. Of schilderen zonder doel, puur op gevoel. Dit lijkt me heel fijn, maar uit een bepaalde onzekerheid doe ik dat niet.

Mantras leren zingen is mij nog niet gelukt, maar dat kan altijd nog. Mijn ontwikkeling stopt niet na de minor. Dansen op muziek zonder choreografie heb ik nu wel vaker gedaan en vind ik erg fijn. Ik heb een proefles geboekt bij een dansschool in Utrecht die moderne dans aanbieden waarbij je je creativiteit kan uiten.  
Welke betekenis hebben spirituele en/of religieuze inspiratie voor jou?
Spirituele inspiratie zet mij op een ander niveau aan het denken. Ik ga bijvoorbeeld over mezelf denken, over de wereld/universum, bedenk nieuwe concepten of maak er kunst van.

Je zou sommige teksten van muziek spiritueel kunnen noemen. Ik geef aan tekst van muziek een eigen betekenis en interpretatie, die mij soms zo erg raakt dat ik ervan kan huilen. Het steunt mij ook. Daarnaast heb ik ook eigen bedachte karakters gebaseerd op muziek. Ik heb twee Warrior Cats “OC’s” (original characters); Flamehearten Marilyn. Flameheart is gebaseerd op het album “The Phantom Tomorrow” van Black Veil Brides en Marilyn is gebaseerd op “Take me back to Eden” van Sleep Token. Ik verzamel ook nummers in een playlist die ik bij ze vind passen.
Dromen en idealen
Wat zijn jouw persoonlijke dromen en idealen?
Mijn persoonlijke dromen zijn een mooi vrijstaand huis met land, een paar paarden, een hond, kippen en misschien nog meer dieren. Ik zou het liefst willen werken op een speciale basisschool in de bovenbouw. Ik hoop twee kinderen te mogen krijgen en samen met mijn man Jarno gelukkig en gezond oud te worden.

Ik droom er vaak van dat Jarno en ik samen op onze paarden met westernstijl heerlijke buitenritten kunnen maken. Dat lijkt mij echt een vorm van ultiem geluk.

Een van mijn idealen is dat ik zelf meer balans aanbreng in mijn leven. Ik wil balans in emoties, gedachtes en levensstijl. Levensstijl ben ik nu al hard mee aan de slag gegaan en dat gaat nog niet perfect, maar wel de goede kant op. Balans in emoties lukt steeds beter, maar ik vraag me soms ook af of ik ze niet wegstop. Een rustig gevoel in mijn hoofd gaat er denk ik nooit komen, maar in een ideale wereld zou er soms ook wat meer stilte zijn. Een groot verlangen van mij is dat ik mezelf wat zou kunnen vertragen, maar een ander verlangen is dat ik productief kan zijn. Soms voel ik me er een beetje tussen, en dan weet ik niet hoe ik eruit moet komen.

Het allerliefste zou ik een sanctuary beginnen waarin ik dieren opvang uit de bio-industrie, en een combinatie met een dagbesteding voor kinderen die begeleiding nodig hebben.


Jarno gaf aan dat hij eigenlijk geen kinderen wil. Hij dacht van wel, maar is tot de conclusie gekomen toch niet. Ik moest dit wel even verwerken; dit veranderde een deel van de toekomst dat ik had geschetst. Ik was er eerst ook verdrietig over. Na veel zelf erover nadenken besef ik me dat het ook oké zou zijn zonder eigen kinderen. Ik werk al met kinderen, een hele leuke doelgroep, en het is fijn als mijn leven buiten werk van mijzelf zou zijn. Met kinderen gaan de kinderen toch altijd voor. De droom om een sanctuary te openen en veel dieren te hebben wordt ook groter. Ik heb het geaccepteerd en zie de voordelen ervan in.  


Wat zijn jouw beroepsmatige dromen en idealen?
En droom die ver weg is waarvan ik niet weet of die waar gaat worden, is het worden van docent theater. Maar een andere droom is dat ik op een cluster 4 school kan werken. Nu moet ik zeggen dat ik, ook omdat ik niet precies weet wat ik voor me moet zien bij die twee banen, ook heel erg op mijn plek zit nu. Ik zeg het wel vaker maar het is echt waar dat mijn hart in het SBO ligt. Ik houd echt van het werken met deze doelgroep en het liefst ook nog een multiculturele. Wat dat betreft zit ik dus al best dichtbij mij droom en ideaal. Natuurlijk wil ik dan wel mijn eigen klas en genoeg steun dat dit goed gaat. Ik heb er nu al wel heel veel plezier in om les te geven in de klas waar ik veel ondersteun, deze kinderen kennen mij goed en doen graag mee. Ik weet dan ook precies hoe ik met elk individueel kind om kan gaan, aangezien ze allemaal een eigen manier van begeleiding hebben.
Hoe ziet jouw ideale samenleving eruit?
Mijn ideale samenleving zou een vreedzame samenleving zijn, waarin geen mens of niet-menselijk dier lijdt. Iedereen heeft gelijke rechten en als er discussie of conflict is, lossen we dat verbaal of op een geweldloze manier op. Elk kind krijgt gelijke kansen en kan zich zo goed wortelen en functioneren in de maatschappij. Geld wordt eerlijk verdeeld en er zijn geen arme landen meer. Iedereen accepteert elkaar en alles wat om hen heen leeft. Er wordt mileubewust geleefd en eerlijk gehandeld.
Wat versta je onder goed burgerschap? Hoe ziet voor jou ‘de goede burger’ eruit?
Goed burgerschap is voor mij dat iedereen educated is over maatschappij onderwerpen en dat iedereen vreedzaam met elkaar om kan gaan. Een goede burger is iemand die zijn steentje bij wil dragen aan de maatschappij en geweldloos een mening kan vormen en uiten.
Welke bijdrage wil jij als professional aan de samenleving leveren?
De bijdrage die ik wil leveren aan de maatschappij is een zo eerlijk mogelijke kans voor de leerlingen die het moeilijker hebben in het leven. Ik wil deze kinderen steunen en een opstapje geven om te kunnen functioneren in de maatschappij en daarin goede keuzes te maken. Ik wil ze basisvaardigheden geven die ze nodig hebben voor het voortgezet onderwijs en daarbij ook sociale vaardigheden.
Hoe verhouden bovenstaande dromen en idealen zich met jouw levensoriëntatie?
Mijn dromen en idealen passen bij wat ik belangrijk vind in het leven. De belangrijkste dingen zijn voor mij liefde, familie, vriendschap, elkaar helpen, dierenrechten, gelijkheid en met aandacht voor de aarde zorgen.

De droom om een sanctuary met dagbesteding te beginnen is groot, maar ik weet niet of het lukt om deze waar te maken. Het is helemaal naar mijn kijk op het leven, want ik wil graag zorg dragen voor kind en dier, maar of het in het financiële plaatje past weet ik nog niet. Alleen uit tijd zal dat blijken. Voor nu blijf ik sparen en studeren, om in ieder geval de kans zo groot mogelijk te maken.


Ik hoop dat ik zo fijn mogelijk samen kan leven waarbij we de tijd nemen om naar elkaar te luisteren, rustig kunnen communiceren en ik mijn gevoelens makkelijk durf te uiten.
Waarden en Professionalisering (Vul in a.d.h.v steekwoorden, laat het in één-A4)
Onderwerp Persoonlijkniveau Professioneelniveau Niveau van de samenleving
Perspectief: Wat is het hogere doel? Wat is jouw hogere doel in het leven?Geluk, relaties, samenzijn, balans. Wat is jouw hogere doel in je beroep?Voor kinderen: kansengelijkheid, steun, begeleiding, kennis en tools voor in de maatschappij. Wat is jouw hogere doel in de samenleving?Bijdragen aan gelijkheid voor dieren, respect voor dier en natuur en bewust handelen voor een gezonde aarde.
Uitdaging: Hoe bereik je het doel? Hoe wil je jouw persoonlijk hogere doel vormgeven?Communicatiestijl aanpassen, rustmomenten inbouwen, meditaties, investeren in relaties. Hoe wil je jouw professioneel hogere doel vormgeven?Opleiding afmaken, cursus traumasensitief onderwijs afmaken, overleg met collega's, in gesprek met kinderen, communicatiestijl kritisch bekijken en verbeteren, investeren in positief contact met kinderen, bouwen aan relatie en altijd op een school werken waar de doelgroep wat extra's nodig heeft. Hoe wil je jouw hogere doel voor de samenlevingvormgeven?Meedoen aan protesten, plantaardig eten en een vegan lifestyle volgen, recyclen, underconsumption, afval scheiden, bewust op watergebruik.
Kracht: Welke zijnjouw kernkwaliteiten? Wat zijn jouw persoonlijke kernkwaliteiten?Creativiteit, flexibiliteit, empathie, eigenwijsheid Hoe kun je jouw kernkwaliteiten kwijt in je beroep?Creatieve lessen ontwerpen, probleemoplossend vermogen hebben, flexibel in te zetten, veerkracht, kunnen verplaatsen in een kind, kritisch blijven naar de kwaliteit van het onderwijs of eens iets anders doen waarbij deuren openen. Hoe kun je jouw kernkwaliteiten kwijt in de samenleving?Aanpassingsvermogen en kunnen inleven in een ander. Kritisch blijven op de manier van doen, eigen weg volgen, anderen inspireren.
Waarden: Welke motivaties, waarden zijn voor jouw leidend? Welke waarden liggen ten grondslag aan jouw 'persoonlijk hogere doel'?Stabiliteit, autonomie, veiligheid, liefde, loyaliteit, verbondenheid en verdraagzaamheid. Welke waarden liggen ten grondslag aan jouw 'professionele hogere doel'?Respect, kansengelijkheid, vertrouwen, verbondenheid en ontwikkeling. Welke waarden liggen ten grondslag aan jouw 'hogere doel voor de samenleving'?Rechtvaardigheid, gelijkheid, tolerantie, daadkracht, democratie, natuurbehoud en generositeit.